Sportvonkjes | Wayne Watkins

In Sportvonkjes zet ik regelmatig een sporter in het zonnetje. In deze editie aan het woord: Wayne Watkins. Wayne fietst in augustus van Italië naar Nederland op een Gios Torino uit 1976, om geld in te zamelen voor wetenschappelijk onderzoek naar kanker. Een monstertocht op een fiets die hij zelf heeft samengesteld met de onderdelen van de favoriete fiets van zijn maat Marcel, die overleed aan hersenkanker. 

Eerste marathon in Nigeria

Ik groeide op in Gosport, een militaire stad in het shire-graafschap Hampshire, aan de zuidkust van Engeland. Een school in zo’n militaire omgeving is anders dan een standaard school: als jongetje moet je voetballen, hockeyen, rugbyen. Elke dag is er een sportprogramma, en dat gaat er fanatiek aan toe. Toen ik veertien was, was ik met mijn vader in Nigeria. Daar heb ik mijn eerste marathon gelopen, in veertig graden. Dat smaakte naar meer, en toen ik weer terug was in Engeland, heb ik meer marathons en halve marathons gelopen. Tot mijn 23ste was ik heel fanatiek. Daarna werd ik beroepsduiker en had ik geen tijd meer om te sporten. Als je werkt van zeven uur ’s ochtends tot zeven uur ’s avonds en je werk vindt plaats op een onderhoudsschip van een booreiland, dan schiet het sporten erbij in. 

Mooie meid

Het bedrijf waar ik voor werkte, vond z’n oorsprong in Nederland. Toen ik dertig was, hadden we een klus in Scheveningen en daar ben ik blijven hangen. In 2010 had ik, met mijn timmerbedrijf, een klus in een kinderdagverblijf. Daar was me toch een mooie meid aan het werk! De interesse was blijkbaar wederzijds, want ze sprak me aan en zei: ‘Ik ken jou wel, jij bent de collega van mijn broer Ben.’ Sindsdien zijn Mieke en ik samen. Inmiddels zijn we alweer zes jaar getrouwd en hebben we twee schatten van zoons.

Met een anker door de bergen

Door de Nederlandse werkcultuur kwam er ook weer ruimte voor sport. Ineens was ik om vijf uur ’s middags thuis en had ik de weekenden vrij. Zo’n zeven jaar geleden vroeg iemand: ‘Heb je zin om de triatlon van Cannes te doen?’ Dat leek me wel leuk: twee kilometer zwemmen, tachtig kilometer fietsen en een halve marathon rennen. Eén probleem: ik had geen fiets. In allerijl heb ik een tweedehands fiets aangeschaft, daar zou het wel mee lukken. Toen we, kort voor de triatlon, in Cannes aankwamen, ging ik even een proefritje maken door de bergen daar. Het voelde alsof ik een anker achter me aan sleepte. Mijn hemel, morgen moet ik een triatlon doen, hoe moet dat? Het is gelukt, maar ik fietste wel als laatste over de streep. Toch is daar de liefde voor fietsen geboren. Het is leuk en het is makkelijk. Vroeger, toen ik nog hobbyduiker was, was het een heel gedoe voor je een duik kon maken. Het weer moet goed zijn, de stroming moet goed zijn, het tij moet goed zijn, je moet voldoende mensen hebben, je moet de flessen vullen. Voor een uur onder water had je twintig uur voorbereidingstijd. Een fiets, die haal je uit de schuur, je stapt op en je gaat.

Snoeiharde uitslag

Zes jaar geleden werd Mieke ineens doof aan een kant. Een jonge vrouw van 27 die zomaar ineens doof wordt, dat klopt niet. Zelf wuifde ze het een beetje weg: ik heb naar te harde muziek geluisterd, ik hoorde altijd al een beetje slecht aan die kant. Ik vertrouwde het niet en vond dat ze naar de huisarts moest gaan. Die stuurde haar door naar de KNO-arts. Hij vond het op zijn beurt ook een vreemd fenomeen, en regelde een CT-scan. Kort na de scan werd Mieke gebeld: Kun je terugkomen, we willen ook een MRI-scan doen. De volgende dag volgde de snoeiharde uitslag: ‘Je hebt neurofibromatose type 2, en je hebt een aantal tumoren in je hoofd. We zien ook iets in je nekwervel, maar dat kunnen we niet thuisbrengen, we sturen je door naar Leiden.’ 

Niet kwaadaardig

Een week later zaten we in het LUMC in Leiden. Weer volgden er allerlei onderzoeken, weer een MRI-scan. De uitslag? Hersentumoren en tumoren in het ruggenmerg. De arts zei: ‘De tumoren zijn niet kwaadaardig, in die zin dat je er niet dood aan gaat. Maar het kan natuurlijk schade aanrichten. Als er een in je hoofd gaat groeien, kun je bijvoorbeeld doof worden. Dat is een kwestie van afwachten.’ Dat is heel confronterend, zeker als je twee kinderen hebt van één en vier. Twee jaar geleden is er een tumor tussen Mieke’s ogen weggehaald.

Rondje IJsland

Vorig jaar werd ik 50, een mooi moment om mezelf een cadeau te geven. Ik overwoog om IJsland rond te gaan fietsen. Ik dacht: ik gun mezelf 2.500 euro om zoiets te doen. Op een gegeven moment sprak ik een paar mensen die de Tour for Life hadden gefietst: een sponsortocht van 1.300 kilometer door de bergen, van Italië naar Nederland, om geld in te zamelen voor kankeronderzoek, uitgevoerd door het Erasmus MC Kanker Instituut. Toen dacht ik: eigenlijk is het best zonde om van die 2.500 euro door IJsland te gaan fietsen, dan heb ik in m’n eentje genoten en verder niemand. Ik kan dat geld ook doneren aan het Erasmus, dan kan ik een mooie fietstocht maken en draag ik tegelijkertijd bij aan zo’n goed doel.

Nog drie weken

Op datzelfde moment gebeurde er iets met mijn collega en een van mijn beste maatjes, Marcel, een beer van een vent van twee meter, goeie fietser. Hij viel een paar keer van de trap, was misselijk en duizelig, kreeg blauwe plekken en ineens vond hij het vervelend voelen om zijn koptelefoon op te zetten. Ik drong eropaan dat hij zich zou laten onderzoeken door de KNO-arts. Na veel vijven en zessen deed hij dat. Hij werd direct doorgestuurd naar het VUmc. Kort daarop belde hij me: ‘Wil je me op komen halen, ik mag niet meer autorijden.’ Wat hij toen zei, zal ik nooit meer vergeten. Hij zei: ‘Wayne, ik heb zo veel tumoren in mijn hoofd zitten, ze hebben me nog drie weken gegeven.’ Ik was in shock. Een week geleden waren we nog aan het schilderen, en over vier weken is mijn beste maat gewoon weg? Dat kan toch niet? Het heeft zes weken geduurd, toen was hij er niet meer. Op de dag dat hij euthanasie pleegde, heb ik me ingeschreven voor de Tour for Life. 

Drijfveer

Het begon met m’n moeder die overleed aan kanker toen ik 17 was en zij nog maar een jonge vrouw van 43, toen de ziekte van Mieke – wat geen kanker is, maar de behandeling is vergelijkbaar – en uiteindelijk het overlijden van Marcel, dat is mijn drijfveer. En dat zijn nog maar drie verhalen. Zo heeft iedereen z’n verhaal, het is zo’n in- en ingemene ziekte. Dat vandaag de dag vrouwen nog overlijden aan borstkanker, dat is toch niet te vatten? We moeten alles op alles zetten om kanker uit de wereld te helpen. 

De Tour op een Gios Torino uit 1976

Marcel had een mooie fietsverzameling. Voor hij overleed, vroeg hij: ‘Wil je mijn fietsen verkopen, en het geld aan mijn vrouw geven? Als er iets bijzit dat je leuk vindt, mag je het hebben’. Ik vroeg nog: ‘Wil je niet dat ik een fiets bewaar, voor als je ooit een kleinkind krijgt?’ Dat vond hij niet nodig. Maar ik heb met m’n eigenwijze kop toch een fiets gehouden. Ik dacht: als er ooit een kleinkind komt, net zo’n lange meid of gozer als opa Marcel, dan kan ik die op een dag de fiets van opa geven. Zelf pas ik niet op die fiets, Marcel was veel langer dan ik, maar ik heb iets moois bedacht. In mijn fietsenverzameling heb ik al jaren een frame van een Gios Torino uit 1976, een frame dat wel de juiste maat heeft voor mij. Ik heb alle onderdelen van Marcel z’n fiets gehaald en die heb ik op de Gios Torino gemonteerd. Met die fiets, met twee bladen voor en zes versnellingen achter fiets ik de Tour for Life. Ik denk dat ik elke dag als laatste binnenkom, maar dat boeit me niet. Zo heb ik het idee dat Marcel met me meefietst. 

Samen vechten tegen kanker

Ik wist niet of ik het hem moest vertellen. Toen hij heel ziek was, vroeg hij op een goede dag of ik een bakkie wilde komen doen. Ik vertelde hem: ‘Ik ga de Tour for Life fietsen, op een fiets met de onderdelen van een van jouw favoriete fietsen en ik wil je naam noemen, vind je dat goed?’ Hij vond het fantastisch en gunde me het van harte. Dat was wel even een moment. Dus Marcel fietst – in mijn gedachten – ook mee en dat is zo belangrijk voor me. Er komen ongetwijfeld moeilijke momenten in die week, maar dat ik dan op Marcels fiets rijd, daar ga ik dan wel moed uithalen. Marcel is nog dagelijks in mijn gedachten en van 29 augustus tot en met 5 september 2021 ga ik, samen met hem, vechten tegen kanker. 

Wayne steunen? Dat kan hier!

Ook een Sportvonkje?

Ben jij ook een enthousiaste sporter en vind je het leuk om een keer je verhaal te doen? Dat kan! We bellen een kwartiertje, ik stel je een paar vragen en ik schrijf een blog zoals deze uit jouw naam. Ik stuur je mijn voorstel in Word waarop je één keer mag schieten (of naar aanleiding waarvan je je terug mag trekken;-)). Lijkt het je wat? Laat het me weten via femke@vonktekstendesign.nl. Dit aanbod is gratis en voor niets, en je mag de tekst ook delen op je eigen (bedrijfs-)website of sponsorpagina. Eén maar: ik schrijf niet meer dan één Sportvonkje per week. Het kan dus zijn dat je even geduld moet hebben. Uiteraard mag je – als lezer of als Sportvonkje – je waardering altijd laten blijken door een kleine donatie te doen via mijn Tour for Life-pagina.

Geplaatst in Fem Vertelt, Sportvonkjes, Tour for Life.

4 reacties

  1. Wayne, … wat een triest en ook mooi verhaal. Je motivatie, die snap ik wel. Dat je dat met ‘zijn’ fiets doet, vind ik prachtig. Ach, als laatste binnenkomen …, het gaat hier om iets heel anders! Dit zegt veel over hoe jij in elkaar zit: een goeie vent!

  2. Wat kan het leven hard zijn, ook al wonen wij in het rijke deel van de wereld.
    Ik hoop dat dit verhaal helpt om voor dit goede doel (kanker kansloos maken)te sponsoren.

Geef een reactie

Het e-mailadres wordt niet gepubliceerd. Vereiste velden zijn gemarkeerd met *